De viltkokeranemoon is een makkelijk te herkennen anemoon. Hij wordt gekenmerkt doordat hij twee typen tentakels die duidelijk van elkaar zijn te onderscheiden. Vlak rond de mond heeft hij hele kleine tentakels, waardoor de mondopening zelf bijna niet meer te zien is. Aan de buitenkant staan een aantal dunne, lange en vaak sierlijke tentakels. De tentakels aan de buitenkant van de viltkokeranemoon zijn vaak horizontaal, vlak boven de bodem uitgespreid. De tentakels die meer aan de binnenkant staan staan schuin naar boven.
De viltkokeranemoon leeft altijd in zachte slib- of zandbodems. Hij is nooit vastgehecht op stenen of ander hard substraat. Dit is ook niet mogelijk voor hem aangezien deze soort geen voet heeft.
In de bodem leeft de viltkokeranemoon in een zelfgemaakte koker van aaneengedikt zand of slib. Deze koker is vrijwel geheel aan het oog onttrokken. De kleur van de tentakels is zeer variabel, de meest voorkomende kleuren zijn paars, bruin, oranje of wit. Soms zijn de buitenste tentakels anders van kleur dan de binnenste tentakels. Bij de geringste aanraking verdwijnt het beest snel in de koker, meestal schoksgewijs in twee stappen.
De doorsnede van de buitenste tentakels ligt meestal tussen de 2 en 3 centimeter, maximaal tot circa 6 centimeter. De binnenste tentakels lijken vaak niet langer dan een paar millimeters, maar kunnen tot ongeveer 1 centimeter lang zijn. De voor duikers onzichtbare zuil kan een lengte van 20 tot 40 centimeter bereiken.






.jpg)


