Op duikreizen is mijn buddy altijd aan het fotograferen. Dat betekent dat ik soms een tijdje moet wachten totdat de “perfecte” foto is geschoten en we weer verder kunnen met de duik.
Op een van de duiken blijft ze ergens bij de wand hangen en ik kies mijn plekje een meter of zeven verder. Omdat er een hele lichte stroming staat moet ik een beetje blijven vinnen, maar ik kan gemakkelijk op mijn plaats blijven. Ik werp een blik op de fotograaf maar heb geen idee wat ze wil fotograferen. De tijd tikt vrolijk door en na een half uur ben ik volledig geaccepteerd door de school vissen om mij heen. In het begin zwommen ze hard voor me weg, maar blijkbaar hebben ze nu het punt bereikt waarop ze mijn aanwezig maar voor lief nemen. De juffertjes, vlaggebaarsjes en koraalvlinders zwemmen rustig om me heen en scharrelen hun maaltje bij elkaar. Nog voor ik het zelf kan zien, zie ik aan hun bewegingen dat er een grotere vis aankomt. Als zij het rif in schieten is het dus voor mij tijd om van de wand weg te kijken. En inderdaad schieten er dan wat horsmakrelen of kleine barracuda's voorbij. Na drie kwartier ben ik toch wel benieuwd wat er eigenlijk op de wand te zien is. Ik zwem naar mijn buddy is zie dan een geel hengelaarsvisje zitten. Hij is heel actief met zijn hengeltje aan het zwaaien in de hoop een visje te lokken. En na twee minuten doet hij waar mijn buddy al die tijd op lag te wachten: hij spert zijn enorme bek open.
Oog voor detail
Bij alles in het resort en het duikcentrum valt het oog voor details op. Het duikcentrum is praktisch ingericht. Iedere duiker krijgt een paal met diverse uitsteeksels toegewezen waaraan de gehele duikuitrusting kan worden opgehangen. Eventuele overige spullen kunnen nog in een krat worden opgeborgen. Op een bordje boven deze paal staat de naam van de duiker. Vergissen is dus niet meer mogelijk. Ook de staf weet op deze manier altijd welke duikspullen van welke persoon zijn. Op het whiteboard in het duikcentrum wordt dagelijks de duikplanning geschreven. Alle duikers worden verdeeld over de twee boten. Wil iemand met nitrox duiken, dan komt er een N achter zijn naam zodat de staf weet hoeveel nitroxflessen en hoeveel gewone flessen er klaargezet moeten worden. Om de drukte in het duikcentrum een beetje te spreiden vertrekken de twee boten een half uur na elkaar. Zo is telkens slechts de helft van het aantal duikers tegelijkertijd aanwezig. Het duikcentrum grenst direct aan het water.
Bij hoogwater stap je zo vanuit het centrum op de boot; bij laag water moet je een paar treden af, een paar meter door het water lopen en dan de boot op. Iedere dag wordt deze betonnen trap bij laag water geboend om te voorkomen dat er algen aangroeien waardoor de trap glad zou worden. Ook op de boot is uitglijden er niet bij. De prachtige houten boten zijn volledig bekleed met een stevig soort anti-slipmateriaal. Dit materiaal is ook op brede treden van de houten trap aangebracht. In de boot klimmen is dus een fluitje van een cent. Ook staan de boten keurig in de verf en is er een zeiltje gespannen om schaduw te creëren.
Ondiepe duiken
Het is hier overigens helemaal niet nodig om diepe duiken te maken om bijzondere beesten te ontmoeten. Er zijn twee locaties waar je eindeloos kunt rondscharrelen en op zoek kunt gaan naar bodembewoners. De eerste plek is het huisrif zelf. Dit begint namelijk ondiep en pas na een meter of vijftig zwemmen bereik je de verticale wand. Het ondiepe gedeelte is een zandbodem waarop verschillende soorten wieren en enkele koralen groeien. Vooral ’s nachts laten de bewoners van de zandbodem zich goed zien: octopussen, platvissen, egelvissen, allerhande soorten naaktslakken en slakken met een huisje en scholen koraalmeervallen kunnen dan worden gespot. De andere locatie, slechts een paar minuten varen vanaf het duikcentrum, is een echte plek voor muckdiving: een zandbodem op vijf meter diepte waarop op het eerste gezicht geen leven zit.
Kijk je echter goed dan blijken er allerhande wonderlijke beesten op en in het zand aanwezig te zijn. Wij zagen er onder andere een geel zeepaardje, een dwergvleugelpaardvisje, een slangaal met alleen zijn kop verticaal uit het zand, spookfluitvissen, symbiosegrondels samen met hun garnalen, naaktslakken en platwormen. Heel bijzonder om te zien waren kwallen die op zijn kop, dus met de tentakels omhoog, in het zand zitten. Bij nadere inspectie bleken deze kwallen niet in het zand te wonen, maar vastgkleefd te zitten op een krab. Omdat die krab onder het zand woont zie hem normaal gesproken niet. Pas als de krab een eindje gaat wandelen, zie je ineens een kwal ondersteboven over het zand bewegen. Omdat er op deze plek zoveel aparte beesten zitten hebben we er ook een nachtduik gemaakt. Tijdens deze nachtduik zagen we enkele bewoners uit het zand omhoog kruipen. De meest bijzondere, maar ook een zeer gevaarlijke, hiervan is de sterrenkijker. Een onooglijk lelijk geval, dat in het donker alleen met zijn ogen en een rij scheve tanden uit het zand steekt. Pas als hij een prooi in het oog heeft schiet hij helemaal uit het zand. Het gevaar zit hem echter niet in die tanden, maar in zijn rug. Daarmee kan hij elektrische stoten uitdelen die weliswaar niet van een hoog amperage zijn, maar hij kan dat heel veel keer per seconde doen zodat het menselijk hart daar flink van streek van raakt. En alsof dat nog niet genoeg is, zijn er ook nog twee giftige stekels op zijn rug aanwezig. Om te voorkomen dat je per ongeluk een sterrenkijker raakt moet je dus goed opletten dat je lichaam het zand niet raakt. En als je een metertje boven het zand blijft voorkom je ook aanrakingen met andere giftige nachtdieren zoals kegelslakken (cones). Tot slot is er nog een derde plek waar je slechts een paar meter diep hoeft om het bijzondere schouwspel van de parende mandarijnvissen te zien. Iedere avond tegen de schemering komen deze vissen uit het koraal te voorschijn voor hun paringsritueel. Ze houden echter niet van lamplicht en van schrik vluchten ze dan weer terug in het koraal. Daarom daal je af als het nog licht genoeg is om de plek te vinden en een goede plek uit te zoeken. Langzaamaan wordt het onderwater donker, maar dit gaat zo traag dat je ogen zich goed kunnen aanpassen aan de duisternis. Hierdoor kun je de mandarijnvissen toch goed volgen. Als wij naar het paringsritueel liggen te kijken wordt duidelijk waarom deze vissen avond aan avond zo hun best doen. Rondom hen zwemt namelijk een opdringerig kardinaalbaarsje dat zich te goed doet aan iedere wolk bevruchte eitjes. Met zo’n rover in de buurt vermindert de kans op nageslacht natuurlijk behoorlijk. Na zo’n 40 minuten verdwijnen de mandarijnvissen weer terug in het koraal en gaan wij terug naar het resort om ons te goed te doen aan een overheerlijke cocktail.
Van de duizenden Filipijnse eilanden is Cebu een tropisch pareltje. Rondom Moalboal is het toerisme kleinschalig opgezet en er is geen sprake van massatoerisme. De riffen rondom Moalboal en Pescador zijn onaangetast. Arie en Desiree hebben zeker hun magic touch aan deze plek gegeven: het resort en het duikcentrum zijn tot in de kleinste details goed opgezet en georganiseerd. Dat is ongetwijfeld de reden waarom er zoveel duikers terugkerende gasten zijn.