Dragons & Giants

Auteur: 
Karin van de Wouw
Fotograaf: 
William van de Wouw
Dragons & Giants

Tijdens de afdaling zoeken onze ogen een veilig plekje tussen de grote rotsen. Niet dat we ons moeten verbergen voor gevaarlijke dieren, maar hier kunnen we tijdens de duik rustig gaan zitten, zonder heen en weer geslingerd te worden door de oceaandeining. Hoewel de flinke stroming het er niet gemakkelijker op maakt, vinden we al snel een geschikte plaats. Snel installeren, de voorstelling is al begonnen! Verschillende soorten haaien cirkelen om ons heen, schildpadden en adelaarsroggen komen voorbij. Toch gaat onze belangstelling uit naar iets anders, iets groters … we hebben namelijk een afspraak met Mr. Big!

Charles Darwin

We bevinden ons ongeveer 1.000 km uit de kust van Ecuador, op de van oorsprong vulkanische, Galapagos eilanden.De archipel is vooral bekend geworden door Charles Darwin die de eilanden bezocht in 1835. Het viel deze toen nog jonge wetenschapper op dat er opmerkelijke verschillen waren tussen dezelfde dieren op de diverse eilanden. Het is dan ook hier waar hij zijn evolutietheorie bedacht. De Galapagos eilanden zijn ontstaan uit vuur en waren in het begin dan ook niets meer dan een steriele berg lava.De eerste bewoners waren zeevogels, die gelijk ook de eerste planten, in de vorm van zaden, in hun veren of spijsverteringskanaal met zich mee brachten.

Zeeleeuwen, pelsrobben en pinguïns zijn sterke zwemmers en waren er dus waarschijnlijk ook al snel bij. Voor de andere dieren moet het een stuk moeilijker geweest zijn om de oversteek te maken. Het zou theoretisch mogelijk kunnen zijn, dat tijdens hevige regenval op het vaste land van Zuid-Amerika grote stukken vegetatie, met daarop diverse dieren via de rivieren in de oceaan terecht zijn gekomen, om vervolgens op de stroming richting de eilanden te drijven. Apen en andere zoogdieren zouden zo’n reis nooit kunnen overleven en zijn dan ook niet aanwezig op de eilanden. Reptielen zoals landschildpadden en leguanen kunnen geruime tijd zonder water of eten en kunnen een dergelijke tocht dus waarschijnlijk wel aan. Zij zijn dan ook in overvloed aanwezig. Voedsel was waarschijnlijk schaars, maar de afwezigheid van roofdieren moet een ongelofelijk pluspunt zijn geweest bij de kolonisatie van het nieuwe land.

De reis

Er zijn verschillende manieren om naar de Galapagos te vliegen. KLM bijvoorbeeld vliegt bijna dagelijks via Bonaire naar Quito. Eenmaal in Ecuador aangekomen, is een overnachting raadzaam. Je bent er dan zeker van dat je op tijd bent voor de vlucht naar Galapagos. Je kunt kiezen tussen Quito, de hoofdstad in het Andes gebergte en Guayaquil aan de kust. Quito is een stad die rijk is aan oude historie, gebouwd op de Evenaar en omgeven wordt door actieve vulkanen. Echter door de hoge ligging is de lucht er ijl en vochtig, wat het verblijf minder prettig maakt.

Onze voorkeur ging uit naar Guayaquil, een schitterende stad op zeeniveau, die dankzij de laatste burgemeester in een supertempo is gerenoveerd. Tijdens een rondleiding bezochten wij het vernieuwde centrum en het beroemde “Iguana Parc” met zijn honderden leguanen.
Vanaf het vaste land van Ecuador vlogen wij in goed anderhalf uur naar het centraal in de Galapagos archipel gelegen eiland Baltra. Daar stond onze transfer te wachten.

Puerto Ayora

Vanaf Baltra vertrekken we, via het kanaal naar Puerto Ayora op het eiland Santa Cruz. Het duurt ongeveer een uur, het is één rechte weg dwars over het eiland en voert ons door de Highlands. Het kleine stadje Puerto Ayora heeft vele gezellige restaurantjes, barretjes en winkeltjes. Na het inchecken in ons hotel, gingen we naar het duikcentrum voor onze check-out dive. Fernando Zambrano, een gezellige Ecuadoriaan, is de eigenaar van Sub-Aqua. Er wordt gedoken in kleine groepen, met een snelle boot en de duikplaatsen worden in overleg uitgezocht. Het gaat er relaxt aan toe en de organisatie loopt gesmeerd.

De volgende dag begon het echte werk. Een tweedaagse trip naar Floreana, een eiland ongeveer 2½ uur varen in zuidelijke richting, met een overnachting in een hotel ter plaatse. Er wonen ongeveer 90 mensen en er heerst hier een heel aparte, bijna spooky sfeer. Het duiken is er niet minder bijzonder door. Er wordt gedoken op 3 duikplaatsen. We begonnen op Enderby, een plaats waar grote scholen jonge Galapagoshaaien hun thuisbasis hebben en die zich regelmatig laten zien tijdens de duik. De tweede duik was bij Champions een kleurrijke wand met veel schildpadden, witpunt rifhaaien en zeeleeuwen, een leuke plaats voor een drift duik. Tot slot: The Devil’s Crown, een plaats met witpuntrifhaaien, grote vissenscholen en roggen. Een zeer mooie plaats met een maximale diepte van 12 meter, ideaal voor de laatste duik. Na de eerste duikdag verkennen we in de namiddag de Highlands van dit bijzondere eiland. Hier zijn de grotten waar het Duitse echtpaar Wittmer, die zich in 1932 op Floreana vestigden, heeft gewoond. Hun dochter en kleindochter zijn nu de eigenaars van het hotel waar we deze nacht zullen verblijven.

De rest van de week werd er gedoken op alle bekende plaatsen rond de centrale eilanden, met elk haar eigen karakter. Zo vinden we op Cousin’s Rock zeepaardjes en hengelaarvissen, maar ook hamerhaaien en manta’s. North Seymour trakteert ons op een feestje, waarbij zeker 30 tot 40 witpuntrifhaaien om ons heen cirkelen. Gordon Rocks, de overblijfselen van een oude krater, is altijd goed voor hamerhaaien en Daphne Island is niet alleen één van de mooist begroeide duikplaatsen, maar heeft ook de meest speelse zeeleeuwen. Duiken rond de centrale eilanden is zeer spectaculair: hamerhaaien, schildpadden, adelaarsroggen en zeeleeuwen zijn aan de orde van de dag, maar voor de echte HAAI-lights ben je aangewezen op een live-aboard.



Javascript is required to view this map.
Geographical data provided by GeoNames