Het onderwaterleven kent vele verassingen. Elke duik weer ontdekken we nieuwe en andere dieren. Reizen we af naar de tropen komen we weer andere dieren tegen dan in Nederland. Tijdens één van onze reizen raakten we geïnteresseerd in de cowrie. Soms heel klein en goed verborgen, maar soms ook wat grotere exemplaren. De schelpen van deze dieren kenden we al jaren. Helaas vooral vanuit souvenir winkels maar nu konden we eindelijk zien hoe deze dieren er onder water uit zagen.
De naam cowrie wordt gebruikt als algemene naam voor een groep kleine tot grote zeeslakken. Veel mensen weten de ronde, porseleinachtige glimmende schelpen te waarderen. In de geschiedenis zijn deze schelpen veelvuldig gebruikt als geld. Daarnaast worden ze in veel gebieden nog altijd gebruikt als sieraden en voor ceremoniële doeleinden.
In de biologie worden dieren onderverdeeld volgens een taxonomische hiërarchie.
Op basis van fysieke kenmerken worden dieren onderverdeeld in zogenaamde fylums. Binnen een Fylum worden dieren vervolgens weer onderverdeeld in klasses, vervolgens verder verdeeld in orde’s, families, geslachten en als laatste stap worden unieke soorten gedetermineerd.
Cowries behoren tot het fylum Mollusca, klasse Gastropoda en order Sobeoconcha. Om vervolgens tot de identificeerbare cowries te komen wordt een verdere verdeling gemaakt naar suborders waarna we uiteindelijk uitkomen op de familie Cypraeidae. De groep cowries is relatief klein met ongeveer 200 geindentificeerde soorten. Ongeveer tweederde van de soorten zijn gevonden in tropisch tot sub-tropisch water.De rest leeft in wat kouder water. Het meest in het oog springende kenmerk van de cowrie is de mantel die aan de buitenkant om de schelp heen zit. Op deze mantel heeft het dier een aantal papillen staan. Tot op de dag van vandaag is de functie van deze papillen onbekend.
De identificatie van het dier gebeurd onder andere aan de hand van de weke delen van het dier.
Allereerst de kleur en de vorm van de tentakels voor op de kop van het dier. Daarnaast de kleur, vorm en tekening op de voet van het dier. Tot slot zijn de kleur van de mantel en onderliggende glanzende schelp een belangrijk kenmerk voor de indentificatie.
Onderwater zal de cowrie de mantel geheel of gedeeltelijk om haar schelp heen hebben. Als de cowrie het gevoel heeft dat er een dreiging aankomt, trekt hij langzaam zijn mantel terug . Als de mantel zich volledig heeft teruggetrokken zie je de prachtige glimmende schelp.
De mantel van de grote cowrie kan verschillende kleuren aannemen. Sommigen hebben een bruin/witte mantel met goudachtige sprieten weer andere varianten zijn puur zwart wit. Er zijn daarnaast ook varianten met een bontere en robuustere mantel.
Behalve de camouflage is ook de vorm van de schelp een belangrijke verdediging voor de cowrie. Dankzij de vorm van de schelp met zijn smalle en getande opening maakt dat slechts weinig predatoren in staat zijn om aan de kern van de slak te komen. Toch zijn er ook predatoren die hier weer een oplossing voor gevonden hebben. Sommige schaaldieren zijn in staat om de schelp te breken terwijl sommige kegelslakken in staat zijn een soort gif in het vlees van de cowrie te injecteren. Vervolgens brengt de kegelslak zijn maag in de schelp van de cowrie zodat al het vlees kan worden verorbert.
Een familie die erg verwant is met de cowries zijn de slakken uit de familie Ovulidae. In het engels worden deze dieren ook wel allied cowries of egg shells genoemd.
Beide diersoorten behoren tot hetzelfde fylum en dezelfde superfamily Cypraeoidea. Deze groep cowries is zeer gevarieerd en voedt zich op koralen en sponsen. Elke keer weer als je zo’n cowrie tegenkomt zul je je verbazen hoe goed het kleine diertje zich heeft weten aan te passen aan het leven in zijn gastheer. De schelp van deze groep cowries is kleiner dan die van de eerder genoemde grote cowrie. Ze variëren van zo’n 3 mm groot tot 10 centimeter.
Door de goede camouflage en de geringe omvang van het dier is het niet altijd gemakkelijk te vinden. Het is daarom belangrijk je in de leefomgeving van de slakken te verdiepen. Bekend is dat veel cowries leven tussen de poliepen van softkoralen. In sommige gevallen zijn de dieren zo onopvallend dat ze eigenlijk pas opvallen als de foto thuis op het scherm te zien is.
De grote softkoralen die we in tropisch water regelmatig tegen komen zijn dan ook de moeite waard om eens van dichtbij te bekijken. In een stuk wit softkoraal zou best eens een witte cowrie kunnen zitten. Eenmaal gevonden is het prachtig om te zien hoe de witte cowrie met wat rozeachtige vlekken de poliepen van zijn softkoraal weet te imiteren. Is het softkoraal rood dan heeft ook de cowrie zich aangepast met zijn kleur. Is de softkoraal meer roze van kleur dan past de cowrie zich weer aan. Het lijfje wordt roze/wit gecombineerd en met zijn witte sprieten probeert hij de witte strepen op het softkoraal zodanig te imiteren dat hij zeker niet gevonden zal worden.
Doordat deze kleine cowries zo goed verstopt zitten in het softkoraal is het verstandig om aan een lokale gids te vragen of hij tijdens de duik voor je wil zoeken. Niet alleen omdat dit de kans op het vinden van de cowrie vergroot, nee het betekent ook dat ze zelf tijd over houdt om naar andere mooie dingen te kijken terwijl je gids aan het zoeken is. Neem nu de kleine gele cowrie die onze gids voor ons wist te vinden. Zonder gids hadden wij dit beestje nooit weten te vinden.
Een andere habitat waarop cowries kunnen voorkomen zijn zweepkoraal en gorgonen. Wie kent ze niet die prachtige grote bossen rood zweepkoraal in tropisch water. Niet iedere duiker weet dat je op deze strengen koraal de langwerpige allied cowrie kunt vinden. De beste kans om deze cowrie te ontdekken is door heel voorzichtig je hand langs de zweepkoralen te halen. Hierdoor zal het zweepkoraal de witte poliepen intrekken. Over het algemeen is de cowrie langzamer in het terugtrekken van de poliepen op zijn mantel. Met als gevolg dat de cowrie ineens wel goed te zien wordt.

De best gecamoufleerde cowrie die wij in jaren zijn tegengekomen is een zachtgele variant. De donkere vlekken en kleine knobbels op zijn lijf imiteren prachtig de bulten die ook op de strengen van het koraal. De donkere kringen maken de camouflage compleet. Ook de roze Adyvolva lanceolata heeft de kunst van de camouflage zeker te pakken.
Ook zwart koraal blijkt een veel gebruikte habitat te zijn van cowries. Maar als je dan langs zo’n enorm stuk zwart koraal zwemt lijkt het bijna een onmogelijke opgave om tussen al die kleine takjes ook nog een klein slakje te kunnen vinden. Met enige oefening en wat geluk kun je de goudachtige tot bijna zwarte variant vinden.
Soms kom je de cowries op wel heel onverwachte plaatsen tegen. Tijdens één van onze
duiken bij het Tawali resort in Papua New Guinea zwom onze duikgids wel heel doelbewust naar een klein takje in het zand. Dit was nu echt een takje waar wij geen aandacht hadden besteed. Maar toch wist onze gids ook hier weer een mooie cowrie tevoorschijn te toveren.
Bij elke ontmoeting met een cowrie zijn we weer verbaasd. In eerste instantie natuurlijk door de knappe camouflage van het dier maar bij nadere bestudering ook zeker door zijn elegante vorm. Met name binnen de familie van de Ovulidae lijkt het motto te zijn: “ zie eruit als het huis waarop je leeft en waarvan je eet en je zult overleven.”
André en Eveline Crone zijn inmiddels vaste gezichten voor Earth Illustrated. Hiernaast publiceren zij ook regelmatig in internationale tijdschriften, van Amerika, Azië tot Australië. Kijk voor meer informatie over onderwaterfotografie cursussen op http://www.elysia.nl.
Je kunt deze bestemming boeken bij | Dit artikel is gemaakt in samenwerking met |
De foto's in dit verhaal zijn gemaakt door | |