Bijzondere dieren in de Zeeuwse wateren

Het leven onderwater kan elke maand veranderen. Sommige dieren zijn vrijwel het gehele jaar te zien. Andere dieren bezoeken de gebieden in Zeeland slechts beperkt, bijvoorbeeld om er eieren te leggen.Een korte beschrijving van de dieren die in Zeeland voorkomen

Kreeftachtigen
Kreefachtigen, ook wel schaaldieren genoemd, vormen een zeer uitgebreide diergroep. In Zeeuwse wateren tref je in de categorie kreeftachtigen kreeften, zwemkrabben, noordzeekrabben, hooiwagenkrabben, garnalen, zeepokken, heremietkreeften, spookkreeftjes etc aan. Duikers kunnen het hele jaar van deze dieren genieten. Kreeften verstoppen zich overdag onder en tussen stenen. ’s Nachts komen ze naar buiten om te jagen. Heremietkreeften zijn naakte kreeftjes die voor bescherming gebruik moeten maken van de schelp van andere dieren. De mogelijkheid tot groeien is afhankelijk van de beschikbaarheid van een grotere schelp. Hooiwagenkrabben zijn niet de opvallendste krabben. Ze zijn vaak klein en hebben zeer dunne poten. Daarnaast zijn ze meesters in camouflage. Het is leuk om te zien hoe de hooiwagenkrabben stukjes wier op hun lijf en poten plakken. Ze krijgen hierdoor dezelfde kleur als de ondergrond waarop ze leven en vallen dus niet zo op. Zwemkrabben komen zeer algemeen voor onder water. Neem eens de tijd om te kijken hoe de krabben eruit zien. Je zult ontdekken dat er veel verschillende soorten zijn. Noordzeekrabben kwamen een aantal jaar geleden alleen voor in de Oosterschelde. Gelukkig kun je deze dieren nu ook steeds meer in de Grevelingen zien. Een vrij zeldzame kreeftachtige is de galathea. Deze komt alleen in de Oosterschelde voor. Het zijn kleine kreeftjes met lange slanke scharen. Overdag verstoppen ze zich onder de vele stenen in het water.

Holtedieren
Holtedieren kennen we in verschillende soorten in Nederland. Veel voorkomend zijn de anemonen. Hoewel een anemoon vaak meer op een plant lijkt is het een dier. Baksteenanemonen treffen we zowel in de Oosterschelde als de Grevelingen aan. Met hun prachtige oranje kleur geven ze een aparte sfeer aan de bodem. Daarnaast is er in Nederland een grote hoeveelheid slibanemonen. Probeer tijdens een duik eens op te letten hoeveel verschillend gekleurde anemonen er zijn. Ook Anjelieren, Zeedahlia’s, en nog meer soorten anemonen vallen onder de groep Holtedieren.

Een bijzonder holtedier in Zeeland is de Dodemansduim. Dodemansduim is de enige koraalsoort die in Nederland voorkomt. Het is wel een dier waar je een beetje geluk voor moet hebben. Hij komt niet heel algemeen voor. Lang werd gedacht dat Dodemansduim alleen in de Oosterschelde voorkwam. Toch is er afgelopen jaar ook Dodemansduim gezien in de Grevelingen. Dodemansduim kun je herkennen als gekleurd bolletje of staafjes lijkend op een duim met daarbovenop witte poliepen. Als de witte poliepen hun tentakels hebben uitgespreid lijkt het net alsof de dodemansduim met dons is bedekt.

Stekelhuidigen
Stekelhuidigen worden gekenmerkt door een vijfstralige symmetrie en een onderhuids skelet waarop vaak stekels voorkomen. In Zeeland worden uit deze groep dieren vooral de gewone zeesterren,rokkelsterren en de zeeappels aangetroffen. Zeesterren komen zowel in de Grevelingen als in de Oosterschelde in alle maten voor, van hele kleine zeesterren tot forse exemplaren met dikke armen. Over het algemeen zijn de zeesterren oranje/zacht paars van kleur. Zeesterren verplaatsen zich niet snel. Ze kunnen zich met de kleine voetjes die onder de armen zit met zo’n 8 cm per minuut voortbewegen. Brokkelsterren kunnen op sommige plaatsen zeer uitbundig voorkomen. Ze hebben en relatief klein lichaam met daaraan dunne armen. Zowel het lijfje als de armen kunnen zeer bont gekleurd zijn, geel , bruin, rood, blauw.
Zeeappels zien er uit als kleine bolletjes met een heleboel stekels op hun lijf. Ze zijn over het algemeen grijsgroen van kleur met bovenaan de stekels een paarse punt.

Zakpijpen
Zakpijpen behoren tot de manteldieren. Ze leven alleen of in grote kolonies. Veel voorkomende zakpijpen zijn de Japanse knotszakpijp en de doorschijnende zakpijp. Ook komen er in Nederland een aantal kolonievormige zakpijpen voor. Onder water ziet dit er uit als een groot korst materiaal bovenop een steen. In deze kolonie zul je een grote hoeveelheid gaatjes aantreffen. De kolonievormige zakpijpen komen in diverse kleuren voor, van geel, rood, grijs tot paars.

Slakken
Slakken hebben we in Zeeland in twee verschillende categorieën. De huisjesslakken en de naaktslakken. Het woord huisjesslak spreekt eigenlijk voor zich. Dit zijn slakken die het lijf beschermen met een schelp. In Zeeland zijn de alikruik en de Wulk de meest voorkomende huisjesslakken. De kleine gele alikruiken vind je voornamelijk in ondiep water tussen het wier. Wulken komen voor al ’s winters voor in de Oosterschelde. In december en januari komen de wulken namelijk massaal naar de Oosterschelde om te paren en de eieren af te zetten.

In Zeeland leven ook verschillende soorten naaktslakken. Zowel in de Grevelingen als in de Oosterschelde is de vlokkige naaktslak veel voorkomend. Deze bruin/oranje slak tref je vooral aan op zandbodems. De vlokkige naaktslak heeft op zijn lijf een grote hoeveelheid tentakels staan. Ook de Groene Wierslak (Elysia virides) komt zowel in de Grevelingen als de Oosterschelde voor. De kleur van deze slak kan variëren van roodbruin tot bruingroen, met witte vlekken en enkele zwarte stippen.
De Oosterschelde is de habitat van nog veel meer naaktslakken. Denk hierbij aan het blauwtipje. De naam verraadt al hoe deze slak eruit ziet. Het blauwtipje is een vrij witte slak met een groot aantal tentakels op zijn lijf. De punten van de tentakels hebben blauwe puntjes. Ook het luciferslakje is een goed herkenbare slak. Hij heeft rode tentakels met daarop witte puntjes. De afgelopen jaren is de millennium wratslak een veelgeziene gast geworden. Deze slak heeft niet echt een elegant voorkomen. Hij heeft een ovaal lijf met een beetje wratachtig patroon en een gele kleur. Natuurlijk zijn er nog veel meer slakken die we in het Nederlandse water tegen kunnen komen. Om ze te vinden is goed zoeken een vereiste.

Inktvissen
De ontmoeting met inktvissen is voor velen een verrassing. Ze bivakeren ook in Zeeland. Jaarlijks bezoeken sepia’s en pijlinktvissen in mei en juni de Oosterschelde om eieren af te zetten. Sepia’s kunnen zo’n 40 centimeter lang worden. Ze hebben een ovaal lichaam met onder aan het lijf een soort rokje. Ze hebben een gemarmerde tekening op hun lijf. Aan de kop heeft hij tien armen. In mei/juni kun je op diverse plaatsen in de Oosterschelde genieten van het paringsritueel van de sepia’s. Het mannetje begeleidt hierbij het vrouwtje teder naar een geschikte plaats om de eieren af te leggen. Als andere mannetjes te dicht bij komen zullen ze het vrouwtje met verve verdedigen. Het vrouwtje knoopt de eieren als een soort druiventros vast aan bijvoorbeeld touwen, wieren etc.

Om pijlinktvissen tegen te komen moeten duikers zich meer moeite getroosten. De pijlinktvis is veel schuwer dan de sepia. De grootste kans om een pijlinktvis tegen te komen is ’s nachts. Dan komen de pijlinktvissen om eieren af te leggen. Dit doen ze vrijwel op dezelfde plaats als de sepia’s. De eieren van een pijlinktvis zien eruit lange witte strengen. De pijlinktvis is erg sierlijk en heeft een lange slanke lichaamsvorm

Een derde inktvissoort is de sepiola. De sepiola komt zowel in de Grevelingen als de Oosterschelde voor. Vooral de maanden september/oktober doet zich een goede kans voor deze dieren te ontmoeten. Qua uiterlijk lijkt de sepiola een beetje op de sepia. Ze zijn wel een stuk kleiner met maximaal 6 centimeter. Het lichaam is daarnaast een stuk ronder dan dat van de sepia. De tekening op het lijf bestaat uit een grote hoeveelheid vlekken die razendsnel van kleur kunnen veranderen.

Vissen
Vissen komen in Zeeland veelvuldig voor. Uiteraard kunnen we niet alle vissen behandelen. Zowel in de Grevelingen als de Oosterschelde komen botervisjes, grondels, donderpadden, zeenaalden, vorskwab en nog veel meer soorten voor. In de Oosterschelde worden met name onder de Zeelandbrug harders en wijting voor. >Eén bijzonder bezoeker verdient extra aandacht. In het vroege voorjaar komt de snotolf naar het Zeeuwse water om eieren af te zetten. De snotolf is eigenlijk een lelijke vis om te zien. Hij heeft een vrij ronde vorm met benige knobbels op zijn lijf. Buiten de paartijd hebben ze een blauw/grijze kleur. In de paartijd worden de mannetjes oranje. Het vrouwtje legt duizenden roze eieren, die daarna door het mannetje worden bewaakt. En dat is een bijzonder ritueel.